DZD 1- 4e klasse KNSB


03-11-2018

DZD 1 – BSV (5,5 – 2,5)

 

FIETSEN IS GEEN GOEDE VOORBEREIDING VOOR HET SCHAKEN

Twee spelers waren op de fiets gekomen. Het waren twee BSV-ers: Ton van Vliet met de vouwfiets vanaf het station Kruiningen-Yerseke (Respect) en René Punt helemaal uit Bergen op Zoom (Nog meer Respect). Beiden bouwden hun partij voorzichtig op. En dat leverde niks op, behalve een Nul. Andere titel had dus kunnen luiden: Fietsen levert geen aanvallend schaak op.

Laten we beginnen met Punt. Die speelde, zoals je tegen Peter van der Borgt moet doen: gezonde zetten, maar wel voorzichtig, zodat er geen enkel aanknopingspunt is voor welk tactisch grapje dan maar ook. Peter wordt (en werd ook in deze partij) daar erg ongelukkig van. Gaat lang nadenken, denkt dat hij na dat voor hem onbegrijpelijke geschuif van wit positioneel opeens slecht zal staan, zit dus te zoeken naar aanvalszetten die dat kunnen voorkomen, ziet die niet, gebruikt veel tijd en kan zich alleen maar inhouden niet te offeren omdat het een teamwedstrijd is. Op de 15e zet biedt hij (uit zelfbescherming) dan maar remise aan, maar dat neemt Punt niet aan. Gek genoeg is Peter vervolgens de eerste die wint. Punt neemt namelijk het remiseaanbod niet aan, gokt er misschien op dat Peter in zijn spaarzame tijd (volgens Eric Clarisse zat Peter vanaf zet 4 in tijdnood, maar dat is een beetje overdreven) in de fout zal gaan. Maar juist Punt gaat in de fout, verliest een pion en na een petite combinaison (laat dat maar aan Peter over) verliest hij er nog eentje en even later de partij.

Een meevaller, net als de remise van Bram Koeman. Bram had pion h7 geweldig goed gedekt, met een paard op f8 en f6. Vervolgens (schaakblindheid) speelt Bram Pe6 (Bram zit weer terug in de stukken-ontwikkelingsmodus). Er volgt Lxf6 (oeps, plots staat h7 alleen nog door de koning gedekt) en Lxh7. Pion achter met een ietsiepietsie compensatie: een open h-lijn. Die weet Bram nog te benutten ook en weet zo remise te bereiken. Vechten loont dus.

Dan Ton, die dus met de vouwfiets was en erg voorzichtig speelde. De leden van DZD en BSV zullen zich nu afvragen: “hebben we het hier over Ton van Vliet?”. “Ja, over Ton van Vliet”. “Echt, de Ton die altijd offert?”. “Jahaa, daar hebben we het over”. En waar leidde dat toe? Nergens, Ton kwam steeds slechter te staan, kwam in tijdnood en toen tegenstander Groenveld c4 speelde was er een dodelijke dreiging op veld f2 die er toe leidde dat Ton op gaf en zodoende een “loyaliteits-nul” scoorde. Hij is immers ook lid van BSV en zag misschien al dat zijn BSV de bietenbrug op zou gaan.

Waarom was Ton eigenlijk met de trein en de fiets? Welnu, de A58 was dicht, van twee kanten. Van de Brabantse kant was het effect groter; daardoor stapte laatste BSV-er tegen kwart over één binnen om zo die stugge Zeeuwen duidelijk te maken dat er ook een goede reden kan zijn voor een Brabants Kwartiertje. Ondanks dat we netjes gewacht hadden met beginnen, hielp dat hen niet. Een titel had dus ook kunnen zijn: Brabants Kwartiertje wordt hard afgestraft.

Want Ton verloor dan wel, maar op alle andere borden stonden we minstens gelijk tot gewonnen. De volgorde weet ik niet meer precies, maar Eric Clarisse en Willy Meulblok haalden het volle punt na prima gespeelde partijen, waarbij vooral die van Eric “een plaatje” was.

Wouter Bliek zorgde voor het eerste matchpunt door remise aan te bieden tegen Oliver de Hert. Wouter had een voordeeltje, wat wel al een eind verdampt was en koos, na de stellingen van ons 7e en 8e bord beoordeeld te hebben, voor een remiseaanbod, wat door de Hert werd aanvaard; op winst spelen voor hem zou zijn stelling niet aangekund hebben.

Wilco Krijnsen was in een stelling beland met twee paarden en twee groepjes van twee pionnen tegen een toren en twee groepjes pionnen (drie resp. twee). Volgens de telling van Euwe remise en op het bord zag het er ook erg remiseachtig uit. De Belgische tegenstander (niet alleen de Zeeuws-Vlaamse ploegen hebben “Belgen”) zag ook wel dat remise maximaal haalbaar was en zo haalde Wilco het tweede matchpunt binnen.

Rinus den Hollander speelde weer een prima partij. De vorige ronde was hij eerste bordspeler, nu achtste bordspeler. Rinus ging prima met die “degradatie” om. Rinus had de c-lijn, kreeg een aanval op f7 en ondanks wat trucjes liet hij zich niet foppen, won twee pionnen, later nog één en haalde alle schwindelmogelijkheden uit de stelling zonder dat zijn tijdnood hem daarin beperkte.

Weer een zege dus. De titel had ook een doordenker kunnen zijn: Negen BSV-ers krijgen zeven DZD-ers niet klein. Maar los daarvan: We hebben na drie rondes de volle 6 matchpunten. U leest het goed: ZES! Overigens blijft onze doelstelling hetzelfde: Handhaven. Maar met 6 punten zijn we erg ver op de goede weg. De volgende ronde is tegen kampioenskandidaat De Pion 2. Het zou van scorebordjournalistiek getuigen om die wedstrijd een “kraker” te noemen.

 

DZD 1 1764 BSV 2 1775 5,5 2,5
Bliek , W. (Wouter) 1937 Hert de, O.R. (Oliver) 1896 0,5 0,5
Meulblok , W.H.C. (Willy) 1891 Nunnikhoven , J.A. (Hans) 1866 1 0
Borgt van der, P.B.F. (Peter) 1877 Punt , R. (René) 1857 1 0
Clarisse , E. (Eric) 1813 Paardekam , R.A. (Rene) 1695 1 0
Koeman , B. (Bram) 1715 Putte van de, B. (Bas) 1707 0,5 0,5
Vliet van, A. (Ton) 1660 Groenveld , H.A.G. (Henry) 1721 0 1
Krijnsen , W.F. (Wilco) 1604 Liekens , R. (Ronny) 1732 0,5 0,5
Hollander den, R. (Rinus) 1615 Goris-Schouwstra , A.T.C. (Adry) 1722 1 0

 


06-10-2018

DZD 1 WINT WEER EN WEER MET 5-3

Op papier hadden we op drie borden ratingvoordeel en op vijf borden niet. Ook opgeteld waren we qua ELO de mindere. De opstelling was een beetje tactisch. Meestal heeft dat bij De Zwarte Dame geen enkel effect (of als dat er al is: een negatief effect). Nu pakte echter alles uit zoals vooraf verwacht; nou ja.

Ton van Vliet kreeg op bord 6 met Albert Vermue de door de teamleider gewenste tegenstander. Albert wil altijd offeren en Ton ook. Oftewel: dat wordt een 1 of een 0. In het begin weigerden beide mannen natuurlijk driftig het aangeboden materiaal, maar uiteindelijk won Albert het potje “offeren”, want hij kwam een pion achter met compensatie. Wie denkt dat er toen een interessante partij volgde, kwam bedrogen uit: herhaling van zetten en een snelle remise.

Niels Verhaar debuteerde in DZD 1. Tegen Carl Schoor kwam hij lekker uit de opening en na Carls La4 wist Niels de overhand te krijgen en te winnen. Overigens hoefde hij daar niet zoveel moeite voor te doen, want in een niet al te florissante stelling vergat Carl even dat zijn dame op d7 de loper op a4 dekte. Carl speelde de dame, Niels sloeg de loper en Carl streek de vlag.

Bram Koeman had op bord 7 met een sterkere speler te maken dan we vooraf vermoed hadden. Bram (en de teamleider ook) rekende op Martin de Bock, maar het werd Jean-Pierre van Gemert. In een mooie Siciliaan met tegengestelde rokades won Bram een pion op a7. De vraag was wel of Jeepee over de open a- en b-lijnen Brams koningsstelling kon slopen. Dat kon niet en Bram wikkelde mooi af en zette DZD zo op een 2½ – ½ voorsprong.

Wilco Krijnsen was ook een pion voorgekomen, maar Laura Tiggelman had veel tegenspel. Toen zij met een toren op a7 binnen viel, was het snel gedaan en had de Souburgse de “Anschlusstor” (is hier eigenlijk een schaakterm voor?) gemaakt.

Paul van Rooijen zat op bord 3. Als dat was om Wouter Bliek te ontlopen dan was die missie mislukt. Als het was om een remise te behalen dan lukte die missie wel: DZD nog steeds met de voorsprong (3-2).

Rinus den Hollander kreeg op bord 1 de verwachte Max Toetenel en Rinus’ opdracht was remise houden. Dat lukte Rinus met gemak. Heel lang dacht uw verslaggever dat er meer in zat, maar Max kwam op Toeteliaanse wijze uit de problemen en de pluspion die Rinus overhield, was van geen enkele waarde.

Zo waren we een half punt verwijderd van een 4-4 gelijkspel. Dat dat er kwam was wel duidelijk, want Jan-Kees Tolhoek (die als tweede invaller was opgetrommeld en te voet naar het Souburgse clublokaal was gekomen; op de dag van de Kustmarathon veel kilometers maken, is voor Jan-Kees logisch, waarbij we er wel bij moeten vermelden dat Jan-Kees uit Vlissingen moest komen; nog steeds een hele tippel natuurlijk) was, na een beroerd gespeelde opening, op Tolhoekiaanse wijze in een gelijk eindspel beland. Tegenstander Eric van Driel wilde (gezien de stand op de borden) forceren, kwam een pion achter en Jan-Kees speelde dit eindspel prima uit.

Toen Roel Schroevers dit zag, wikkelde hij af naar remise in plaats van nog op winst te spelen tegen Peter van der Borgt. Peter haalde dus het 1e matchpunt binnen. Jan-Kees zorgde vervolgens voor de mooie 5-3 zege.

Kortom: DZD 1 heeft zijn start landelijk niet gemist en de zege tegen Souburg voelt goed aan, mede omdat we twee sterke basisspelers misten (Willy Meulbok en Eric Clarisse). Nuance is wel dat de twee invallers (Jan-Kees en Niels) twee punten scoorden op redelijk hoge borden. Tsja, dat hadden Willy en Eric niet veel beter kunnen doen.

 

Souburg 2 1764 DZD 1 1701 3 5
Toetenel , M.P. (Max) 1861 Hollander den, R. (Rinus) 1620 0,5 0,5
Schroevers , R.J.M. (Roel) 1808 Borgt van der, P.B.F. (Peter) 1860 0,5 0,5
Rooijen van, P.K. (Paul) 1889 Bliek , W. (Wouter) 1939 0,5 0,5
Driel van, E. (Eric) 1749 Tolhoek , J.K.K. (Jan-Kees) 1589 0 1
Schoor , C.W.J. (Carl) 1744 Verhaar , N. (Niels) 1618 0 1
Vermue , A.B.C.H. (Albert) 1704 Vliet van, A. (Ton) 1668 0,5 0,5
Gemert van, J.P. (Jean-Pierre) 1781 Koeman , B. (Bram) 1697 0 1
Tiggelman , L. (Laura) 1575 Krijnsen , W.F. (Wilco) 1615 1 0

 


15-09-2018

DZD1 – GOES 2 (5 – 3)

 

DZD 1 START LANDELIJK MET EEN ZEGE

Goes 2 moest met een groot aantal invallers aantreden en was daardoor, in elk geval op papier, zwak genoeg om van te kunnen winnen. Dat deden we, maar vraag niet hoe. Als je die vraag stelt, kan ik verwijzen naar het verslag op de Goese site (razendsnel zijn die de Feijters met hun verslagen): klik hier. Eerst snapte ik die titel niet, want er werd toch echt maar aan 8 borden gespeeld (en 6 + 3 = 9), maar pas later snapte ik dat de teamnederlaag de 3e nederlaag was.

Als je zulk soort basiszaken niet snapt, is het duidelijk dat je van het schaken ook weinig terecht brengt. Al na 4 zetten stond ik slecht! Met wit notabene. Hoe krijg je het voor elkaar. Het enige positieve was dat ik nog de tegenwoordigheid van geest had om naar remise af te wikkelen. Ik was blij dat Mark Paul mijn remiseaanbod aannam, alhoewel het toen ook al wel een eind remise was. Dat was al binnen anderhalf uur. Openden wij hiermee de score? Nee, Bram Koeman had Yoran Wisse al van het bord geveegd (sla nooit op b2, ook niet als het goed is, bleek hier, gelukkig voor ons niet op te gaan) en Eric Clarisse en de Goese scribent (David de Feijter) waren ook al remise overeengekomen.

Omdat Cor Heijboer toen al gewonnen stond en Ton van Vliet al een mooie stelling had na zijn Koningsgambiet (wat geen gambiet werd, want Joris Verburg nam de pion niet aan), leek de teamzege voor het grijpen. Maar Ton besloot een volstrekt onnodig offer te doen (wat gelukkig door Joris zo werd behandeld dat Ton het geofferde stuk kon terugwinnen) en Cor had een goede zet gemist (dat was eigenlijk helemaal niet erg), maar wel dat hij daardoor hij 10 zetten lang (ik citeer Cor) slechte zetten heeft gedaan, omdat hij zich ergerde (aan zichzelf dus). Jeroen Frijhoff kreeg opeens tegenkansen en kon naar remise afwikkelen. Bij Ton was er een dynamische stelling ontstaan, die me gewonnen leek voor Ton, maar waar de winst na Pc4 gevolgd door Le2 uit Tons vingers leek te glippen.

Ton en Wilco Krijnsen kregen bijna tegelijkertijd een remiseaanbod. Wilco had nog twintig minuten en hoefde dat aanbod dus niet meteen aan te nemen, alhoewel tegenstander Jari Groen eigenlijk wel wat beter stond. Ton had echter maar een paar minuten, maar hem kon weinig gebeuren en hij leek weer winstkansen te hebben na Tons d5. Cruciaal was echter de gang van zaken bij Jo Tholenaar en Rinus den Hollander. Jo had Rinus helemaal in de verdediging gedrongen. Op een gegeven moment deed Rinus niet veel meer dan de koning van g8 naar h8 zetten en terug. Jo had een razend sterke vrijpion op d6 en Rinus had een erg zwakke (maar ook vrij)pion op d5. Daarnaast zat Rinus (uiteraard) in tijdnood. Toch gebeurde er iets opmerkelijks: Jo kon met zijn d-pion niet naar voren en toen Rinus met Df5 zowel Jo’s loper en toren kon aanvallen moest Jo de dame naar de c-lijn zetten en kon Rinus zijn d-pion op laten rukken en tot dame laten promoveren. Zo kwamen we op “plus-twee’’, nam Wilco het (nog steeds geldige) remiseaanbod aan, bood Ton (die nog steeds weinig tijd had en een gewonnen stelling, alhoewel Ton de winstvoering toen nog niet direct zag) ook remise aan, wat meteen werd aangenomen. Zo bleven we op “plus-twee” en met nog één partij te gaan kon ons de zege dus niet meer ontgaan.

Willy Meulblok, die gelukkig weer terug achter het bord is, speelde een interessante partij tegen Hans Welten. Omdat de zege binnen was (en beide spelers in tijdnood waren), kwamen ze remise overeen, zodat de eerste twee matchpunten binnen zijn. En elk matchpunt is er één en elk matchpunt zal nodig zijn in de strijd tegen degradatie (en dat geldt waarschijnlijk voor alle Zeeuwse teams in deze klasse).

 

Dit zijn de gedetailleerde uitslagen, die ook terug te vinden zijn op knsb.netstand.nl.

 

DZD 1 1730 Goes 2 1537 5 3
Meulblok , W.H.C. (Willy) 1894 Welten , J.S.P. (Hans) 1810 0,5 0,5
Borgt van der, P.B.F. (Peter) 1860 Paul , M. (Mark) 1739 0,5 0,5
Clarisse , E. (Eric) 1816 Feijter de, D.C. (David) 1732 0,5 0,5
Krijnsen , W.F. (Wilco) 1615 Groen , J. (Jari) 1400 0,5 0,5
Hollander den, R. (Rinus) 1620 Tholenaar , J. (Jo) 1646 1 0
Vliet van, A. (Ton) 1668 Verburg , J.M. (Joris) 1353 0,5 0,5
Koeman , B. (Bram) 1697 Wisse , Y. (Yoran) 1354 1 0
Heijboer , C.P. (Cor) 1673 Frijhoff , J. (Jeroen) 1258 0,5 0,5

 

Peter van der Borgt