Uitslag & Verslag


3e Ronde
13-9-2021

1 Wouter Bliek Lennard Duynkerke 1 0
2 Marko Burger Jerry Ros 1 0
3 Leon Zweedijk Rinus den Hollander 1 0
4 Krijn Saman Eric Clarisse 0 1
5 Herman Schoonakker William Duynkerke 0 1
6 Marco Baars Klemen Pernat Susek 1 0
7 Dies Lokerse Martjan Romijn 0 1
8 Freek Pruis Paring bye    
9 Jan Capello Paring bye    

 

3e Ronde  gespeeld op 13 september 2021

Eerst de oplossing van het verslag van de 2e ronde : Zie Diagram 1

Diagram 1
Diagram 1

 

Wit begint met  Pxe4. 

A 1. … fxe4 2. Lxe4  Lxb3 3. Lxb7 en  zwart verliest dik materiaal.

…….. e6  3.  Lxd5  exd5  4. Tc7  Db6  5. Dxd5+  Kh8  6. Txg7 Kxg7  7 Pd5  en  zwarts  koning loopt in een mat net.

B 1.  …. Lxb3  2. Pf6+  Lxf6  3. Lxb7  komt ongeveer op hetzelfde neer als A , veel materiaal gaat verloren.         

Het kruis van de kruispenning zit erin  dat de loper van g2   door  de loper op d5 kijkt naar   Db7 en   Ta8. 

De dame van b3 kijkt door diezelfde loper van d5 naar Kg8                      

 

 

 

 


                                                                                                         Dan  ronde 3,  die geef ik de titel:  over  openingen en mat.

Uw verslaggever (Wouter Bliek) speelde tegen de koploper Lennard Duynkerke een gambietlijn in het Hollands

Diagram 2

 

Diagram 2:
Wit had dat ooit eens in een grijs geleden voorbereid maar  zwart had dit ook wel gezien   want  tot hier werd weinig tot geen tijd gebruikt. Zie diagram 2

De lijn gaat verder  met 7.  ….  Pxd5  8. 0-0-0  en wit heeft meer dan genoeg compensatie voor de  pion. Omdat deze lijn weinig voorkomt wist zwart de “theorie”  niet verder en besloot met g6 terug te gaan naar de Leningrad variant van het hollands. Vaak is dat een beproefde methode  om van een opening die je niet zo goed kent naar iets bekends  terug te gaan  maar in deze  stelling is  g6 een ernstige fout.  Voor hoe het verder ging laat ik aan de lezer, maar als hint, hier de eindstelling: diagram: 3

 

 

 

 

Diagram 3

Diagram 3:
Mat als gevolg van een niet goede opening, of zwart het mat gemist heeft weet ik niet maar anders ging er een stuk verloren en dan kan je  net zo goed gelijk mat gaan, doormodderen met een stuk minder doe je alleen als je  ergens  nog wat compensatie hebt (pionnetje/stelling).

Leon Zweedijk, die na een lange pauze weer terug op de club was, speelde tegen Rinus den Hollander. Rinus  die vorige week een prima opening speelde  en daarna zijn tegenstander lang op het randje van de afgrond liet lopen was tegen de Trompowsky van wit niet scherp. Na  1. d4 Pf6 2. Lg5 Pe4 3. Lh4 d5 4 f3 had hij het paard op d6 geparkeerd. Wit pakte het daarna  voortvarend aan en het ongelukkige paard   ging  later  naar f5 en  werd daarna  uit zijn lijden verlost. Een  stuk meer liet Leon ondanks het gemis aan schaakritme  niet meer glippen. Knap reultaat natuurlijk van Leon.

De partij van Freek Pruis en Jan Capello  werd ….   een dubbele bye, Jan werd gekoppeld aan een speler die kwam kijken en lid van een schaakclub wilde worden. Na enkele korte potjes bleek het wel een speler van goed niveau te zijn.

Jerry Ros kwam met zwart in een Pirc-achtige opening een pionnetje voor tegen Marko Burger. In een tactische stelling was het Marko  die het avontuur opzocht en Jerry gaf ergens materiaal weg en verloor .

De partij tussen Krijn Saman en Eric Clarisse ging als volgt. (mede met de aantekeningen  van zwart)

De partij had een verrassend begin, geweigerd Budapest gambiet, en niet wits gebruikelijke London systeem.

(Er wordt beweerd dat je een gambiet weerlegt door het aan te nemen.

Hier is het ook gewoon juist, alle andere zetten geven zwart prompt gelijkwaardig spel.

Een van de hoofdvarianten laat zien het geen echt gambiet is 1.d4 Nf6 2.c4 e5 3.dxe5 Ng4 4.Nf3 Bc5 5.e3 Nc6 en zwart gaat de pion terugwinnen.

In de wandelgangen werd een echt gambiet aangehaald 1.d4 Nf6 2.c4 e5 3.dxe5 Ng4 4.Qd4 d6 5.exd6 Nc6 of Bxd6 maar deze varianten zijn gunstig voor zwart.)

De partij was voornamelijk een strijd om het veld d4 en de daaraan gekoppelde controle over de d-lijn. Wit speelde (te) voorzichtig en  na lang gemanoeuvreer won zwart de strijd om d4 waarna alle zwarte stukken de witte stelling konden binnen dringen.   Zie diagram: 4

Diagram 4
Diagram 4

Een mogelijk slot-variant was als volgt

Qa1 Rdd2 met de bedoeling Qxh3+ gxh3 Rh2+ Kg1 Rbg2#

Een lange zit waarbij concentratie nodig was en het begrijpelijke rumoer (terugzien van oud-leden, ook nieuwe leden) af en toe storend was.

Bij Dies Lokerse ging het na een siciliaan van Martjan Romijn helemaal  fout en hij gaf een stuk weg. Dat je dan gewonnen staat is leuk maar je moet het nog wel even uittikken, dat deed  zwart ook en na  nog een stuk te hebben  gewonnen gingen de stukken het doosje weer in.

Marco Baars die tegen  collega Klemen Pernat Susek een siciliaan met e6 tegen kreeg, kwam het thema “openingen en mat”  er helemaal uit.  Klemen was in de opening  niet nauwkeurig (lees:  te aanvallend) en wit was er als de kippen bij om elk foutje af te straffen. Dat zwart zich plots mat liet zetten was  wel de kers op wits taart maar de stelling was  toen toch al gewonnen voor wit.

Bij Herman Schoonakker ging het tegen William Duynkerke  al snel mis, wit die vrijwel altijd een nette opening aflevert moest nu toezien hoe zwart zijn stelling afbrak, met materiaal achter en geen “spel”  was Herman gedwongen zijn koning om te leggen.

 

 

Opvallend waren de matige openingen ,  twee keer een mat op het bord en geen enkele remise deze ronde.


 

2e Ronde
6-9-2021

1 Rinus den Hollander Wouter Bliek 0,5 0,5
2 Lennard Duynkerke Ton van Vliet 1 0
3 Eric Dek Eric Clarisse 0,5 0,5
4 William Duynkerke Jan Capello 0,5 0,5
5 Herman Schoonakker Freek Pruis 1 0
6 Martjan Romijn Krijn Saman 0 1
7 Dingnis Lokerse Marco Baars 0 1
8 Matthijs Schouten Klemen Pernat Sušek 0 1
9 Dies Lokerse Paring bye    

Snel, sneller en snelst

Soms kan snel spelen een voordeel zijn maar met een tempo van 1,5 uur en 30 seconden extra per zet is dat meestal niet zo.

Als eerste klaar was Mathijs van Schouten die snel in de fout ging tegen  Klemen Pernat Sušek. In een dame gambiet liet wit  met de c-pion doorgeschoven naar c5 en dat is meestal een uitnodiging voor zwart om e5  te doen. d4xe5 is dan vaak niet goed omdat c5 dan “kaal” staat,  dat deed wit dan ook niet en speelde  iets anders maar liet toen  ineens  e5-e4 toe  met een vork op 2 stukken.  Even later verloor wit nog een pion  en gingen de stukken de doos weer in.

Dingnis Lokerse was daarna  snel klaar en gaf tegen Marco Baars een stuk en later nog eentje  en dat was ook snel over.

Jan Capello kreeg met zwart  tegen William Duynkerke  een  London tegen  (d4   d5  en  Lf4).  Dit geeft zwart alle tijd en ruimte om alles neer te zetten en dat deed  Jan ook en het werd wel heel geruisloos   remise.

Onze andere Duynkerke, Lennard deed dat ook tegen Ton van Vliet maar tegen Ton een wat saaie stelling opzetten  kan gewoon niet. Zonder dat beiden hadden gerokeerd  werd de damevleugel open gegooid en  leek de aanvalsdrift van zwart in een tactisch moeras te eindigen. Volgens mij ging het wat heen en weer maar zwart ging te ver en kreeg toen de deksel op de neus.

Martjan Romijn speelde zijn eerste partij  bij DZD en liet tegen Krijn Saman zien dat hij niet  te onderschatten was. Krijn kwam onder druk te staan en ik heb niet gezien of wit echt veel beter kwam  maar hij gaf zijn vrouw  weg en dat is vaak het einde van de partij, deze keer ook.

Het duel der Ericcen vond beneden plaats en Dek kwam wel prettig  uit de opening  maar het plusje kon tegen Clarisse niet verzilverd worden, remise

Herman Schoonakker  kwam tegen Freek Pruis snel een kwaliteit  voor maar moest daar  zijn mooie  Engelse loper van g2 voor gebruiken en een pionnetje laten. Zal wel gewonnen  zijn voor wit maar Freek speelde zo actief tegen dat Herman onder vuur kwam te liggen en een kwaliteit terug moest geven. Zwart kwam zo ineens  gewoon een pion voor en leek de winst te pakken. Zwart bleef echter snel zetten  ( Freek had intussen een heel uur meer dan Herman) en liet zich ineens mat zetten.

Uw verslaggever had met zwart tegen Rinus den Hollander een bijzonder matige opening op het bord gezet, eentje waar de computer in de analyse spontaan van ging huilen. Dat wit daarna zwart steeds meer onder druk ging houden leidde  tot nog meer ellende voor zwart.  In het diagram was het beslissende moment.

 

 

 

 

 

 

Wit had Db3+ gespeeld en zwarts plan was dan met Ld5 het schaak te onderbreken  en dan waren alle enge dingen uit de stelling. Helaas kan wit hier winnen,  de combinatie is lastig te vinden maar als je weet dat er  iets in zit gaat het lukken, hint is  kruispenning. Antwoord  ga ik pas volgende week geven.

Rinus, die de hele partij voortreffelijk had gespeeld, speelde hier Da4 en bood remise aan. Zwart probeerde het nog even maar  het werd daarna toch snel remise.

 


1e Ronde 
30-08-2021

1 Wouter Bliek Herman Schoonakker 1 0
2 Gayan den Hollander Peter van der Borgt 0 1
3 Eric Clarisse William Duynkerke 0,5 0,5
4 Marco Baars Marko Burger 0 1
5 Rinus den Hollander Matthijs Schouten 1 0
6 Klemen Pernat Susek Lennard Duynkerke 0 1
7 Eric Dek Krijn Saman 0,5 0,5
8 Marius Leendertse Jan Capello 0,5 0,5
9 Bram Boone Dies Lokerse 1 0
10 Dingnis Lokerse Paring bye    

 

Bijzondere ontmoetingen in de eerste ronde

Natuurlijk was het fijn dat er weer geschaakt kan worden. Toch nog een cri de coeur vooraf: Vanwege de huidige Corona-regels moet er geventileerd moet worden en daardoor is de muziekvereniging wel erg goed te horen. Hopelijk gaan we wat dat betreft weer snel naar het “oude normaal”, maar dat zal vooral van “ons” (de Nederlanders) afhangen. Zo lang de vaccinatiegraad stokt en de besmettingsgraad en de ziekenhuisbezetting niet vrees ik dat dat “oude normaal” nog ver weg is.

De eerste ronde wordt altijd handmatig ingedeeld. In dit geval waren er 19 spelers. Nummer 19 op basis van rating (Dingnis Lokerse) had pech (of geluk), want was daardoor oneven. De resterende 18 werden als volgt ingedeeld: nummer 1 op rating tegen nummer 10 enzovoorts. En dat leidde tot bijzondere ontmoetingen: De Goese carpoolers Herman Schoonakker en Wouter Bliek tegen elkaar en dat gold ook voor onze Kapelse carpoolers (Marius Leendertse en Jan Capello). En dan was er ook nog Marco tegen Marko oftewel MB tegen MB.

De verwachting is dan dat de nummers 1 tot en met 9 allemaal winnen. Die verwachting kwam niet helemaal (of eigenlijk gewoon niet) uit. Drie remises verstoorden de op basis van de statistieken te verwachten uitslagen.

Krijn Saman en de broertjes Duynkerke hadden zwart. Marco Baars had wit, maar zijn tegenstander speelde gewoon geen 1…. d5. Eindelijk zouden we dus een avond zonder Londen-systeem hebben, dacht ik. Nee dus, Eric Dek speelde het en nog wel tegen Krijn, die verzuchtte “tegen zichzelf te spelen”. Dat ging hem overigens best aardig af. Eric bereikte niet veel en nadat Eric op d4 sloeg met de c-pion dacht Krijn met Da5+ zijn slag te kunnen slaan. Dat was echter een misrekening, waardoor Eric het heft over kon nemen en Krijn moest gaan verdedigen. Dat deed hij echter zeer accuraat. Eric had in het eindspel op winst kunnen spelen door dames te ruilen op c6, de koning naar a4 te spelen en te hopen dat Krijn het tempospel met pionnen op de koningsvleugel verkeerd zou behandelen, waarna een doorbraak met b4-b5 de winst had kunnen opleveren. Maar Eric besloot Krijns herhaalde remise-aanbod aan te nemen.

De andere twee remises zagen we aan de borden Marius Leendertse – Jan Capello en Eric Clarisse – William Duynkerke. Van die partijen heeft uw verslaggever te weinig gezien om er iets zinnigs over te vertellen. Via “horen zeggen” weet hij wel dat Eric Williams dame probeerde te vangen en toen dat niet lukte de stelling was afgevlakt naar remise-achtig. Daarnaast is Eric geen fan van het snelle(re) tempo dat de Duynkerkes mogen spelen. Dat Eric niet verder kwam dan remise zal daarin zeker mee hebben gespeeld. Volgens Eric hadden de eerste 40 zetten 2 x 90 minuten verdiend voor beide spelers om een echt goede partij te spelen, zoveel cruciale momenten waren er.

Meer spektakel was er bij Williams broer Lennard. Die speelde met zwart tegen Klemen Pernat Sušek, ons nieuwe lid, die voor het eerst een serieuze(re) partij speelde. Op een gegeven moment stond deze bijzondere stelling op het bord:

 Klemen heeft een stuk tegen twee pionnen meer, maar zwart heeft net Te8 gespeeld en lijkt de witte dame te gaan winnen. Uw verslaggever zag een mooie remonte voor wit om de schade te beperken, maar Klemen deed een nog betere zet. Ziet u welke? En hebt u ook een idee waar uw verslaggever aan dacht? Op zich deed het er niet veel toe, want in beide varianten was de schade toch net te groot, maar na Klemens zet kon hij nog lang vechten. Aan het eind van dit verslag staan de “antwoorden”.

Dies Lokerse speelde een prima partij tegen Bram Boone. Lang kon Dies het materieel gezien ongeveer gelijk houden. Zijn stukken stonden echter minder handig. Logisch dat de ervaring van Bram voldoende was om dat positioneel uit te buiten en het punt binnen te halen.

Wouter Bliek kreeg in een ongeveer gelijke stelling eerst een pion en daarna een stuk gratis aangeboden. Dat leidde tot zoveel voordeel dat tegenstander Herman Schoonakker opgaf.

Rinus den Hollander won zijn partij ook. Dit meldde Rinus over die partij: “Het was een damegambiet-achtige partij die na Zwarts g6 en Lg7 ook wat Grünfeld-achtig was. Matthijs heeft op de 13e zet Tfd8 eigenlijk de verkeerde toren naar d8 gezet. Met 15 Pe5 kon ik de zwarte dame aanvallen. Met gevolg niet te voorkomen stukwinst”. Rinus voegde bij zijn mail het notatiebiljet toe:

en daar viel mij wat op. Ziet u wat? Antwoord onderin.

Zoon Gayan den Hollander kreeg het Hollands tegen zich in zijn partij tegen Peter van der Borgt, net als Marco Baars tegen Marko Burger. Marco en Marko waren als eerste klaar, Gayan en Peter als laatste.

Marco (Baars dus) had nog nooit Hollands tegen zich gehad, probeerde het met een Londen-achtige opstelling en dat liep al snel mis: torenverlies met wat vage, maar onvoldoende, tegenkansen. Zo zie je maar, je kan niet altijd op 2. Lf4 vertrouwen.

Gayan en Peter waren als laatste klaar, maar vreemd is dat niet als op de 27e zet voor het eerst wat geslagen wordt. Dat lijkt bijzonder en is het misschien ook wel, maar het is zeker geen record, zie de partij op https://timkr.home.xs4all.nl/records/records.htm , waarin op zet 94 voor het eerst iets geslagen wordt.

De partij van Gayan en Peter is te vinden op: https://www.chess.com/analysis/game/pgn/2skR2MoAVC 

Maar ouderwets de zetten op een bord uitvoeren kan ook  [1]: 1. d4 f5 2. c4 Nf6 3. Nc3 e6 4. Nf3 Be7 5. e3 O-O 6. Be2 d6 7. O-O Bd7 8. Qc2 Nc6 9. a3 Qc8 10. Bd2 Kh8 11. Rac1 Rb8 12. b4 b6.(Let op: een dame is Q, een toren is R, een loper B en een paard K).

Peter heeft voor het Hollands gekozen omdat hij tegen Gayan in het damegambiet altijd gedrongen komt te staan. Welnu, het ziet er nu niet veel beter uit; zwart heeft te passief gespeeld. Maar wanneer moet je nu als wit toeslaan? Gayan denkt dat nu het moment is en speelt: 13. d5. Peter antwoordt met 13….Nd8 en heeft geluk dat Gayan vervolgens 14. Bd3 speelt. Als Gayan 14. dxe6 had gedaan zou je denken dat, na 14….Nxe6 15. Qxf5 niet goed is, want door één van de twee paarden weg te zetten (en de dame aan te vallen) zou er toch wel materiaalwinst voor zwart in zitten; nee dus. Peter had dan 14….Bxe6 moeten doen en dan zou wit na 15. Nd4 prachtig blijven staan. Na Gayans 14. Bd3 komt Peter uit de problemen en ontstaan er complexe stellingsbeelden waarin beide spelers soms een  veel betere zet missen.

14….e5 15. e4 f4 16. Kh1 Nf7 17. Nb5 Rb7 (ziet er raar uit en beide spelers hebben niet door dat ooit een witte loper op a6 de kwaliteit zou kunnen kosten; vandaar dat zowel Gayan als Peter de zet c5, die later op diverse momenten gespeeld kon worden, niet overwogen hebben) 18. Nc3 g5 19. g3 Bh3 20. Rg1 Ng4 (met een matdreiging op f2 die je zomaar over hoofd zou kunnen zien; gelukkig deed Gayan dat niet) 21. Nd1 Nfh6 22. Be2 Rg8 23. Qc3 Rg7 (en hier had Gayan met slaan op f4 gevolgd door c5 voordeel kunnen krijgen) 24. a4 Nf6 25. Qc2 (lijkt de pion op e4 te dekken, maar zwart kan gewoon slaan met het paard, want als wit terug slaat – met de dame dus – volgt Bf5 en de dame wordt gevangen) Qe8 26. Nb2 Qg6 27. gxf4 Qxe4 28. Qxe4 (hier had fxg5 Gayan nog kunnen redden) Nxe4 29. Be1 Ng4 30. Nd3 gxf4 31. Bf1 Bxf1 32. Rxf1 Rb8 33. h3 Nh6 34. c5 bxc5 35. bxc5 Rb3 36. cxd6 Bxd6 37. Rd1 Nc5 38. Ndxe5 Bxe5 0-1

Antwoorden partij Pernat Sušek – Duynkerke:

Uw verslaggever zag: 1. Dxe8, Dxe8 2. Th8 en dacht dat dat winnend was, maar had overzien dat na 2….. Pxf6 3. Txe8 het paard op e8 kan slaan, waarna Lennard twee pionnen voor komt.

Klemen zag en speelde: 1. Pg6, wat na 1…. Txe7 2. Pxe7 juist winnend zou zijn voor wit. Lennard speelde daarom 1…. fxg6, waarna Klemen die g6 terug kon winnen en in een eindspel met een pion minder terecht kwam, wat Lennard uiteindelijk toch won.

 Antwoord notatiebiljet den Hollander – Schouten:


Dat Rinus al op zet 1 verkeerd noteerde valt op, maar nog meer de naam van zijn tegenstander: Matthijs de Wit. Ik denk dat ik de verklaring wel weet. Vlak voor dat Rinus moest beginnen vroeg hij me “welke kleur heb ik ook al weer tegen Matthijs?”, waarop ik “wit” antwoordde. Vraag is dus hoe Rinus Matthijs zijn naam had opgeschreven als Rinus zwart gehad zou hebben. We zullen het nooit weten.